De rol van de leidinggevende als eerste ontvanger van een melding

Nederlands promotieonderzoek werpt nieuw licht op hoe leidinggevenden reageren

Hoe reageren leidinggevenden op klokkenluidersmeldingen (hierna: meldingen) en waar hangt dat van af? Dat zijn de grote vragen van het promotieonderzoek van Arthur Kampschuur aan de Universiteit van Amsterdam. ‘De direct leidinggevende is vaak de eerste ontvanger van een melding en daarom een belangrijke schakel in het proces.’

De rol van leidinggevenden bij meldingen is tot nu toe nauwelijks onderzocht. Bovendien delen mensen niet zonder meer informatie over een gevoelig onderwerp zoals klokkenluiden; een uitdaging voor Kampschuur en zijn medeonderzoekers.

Beeld: © Rein Wieringa

Promovendus Arthur Kampschuur

Aanpak onderzoek

Toch zijn er manieren om kennis op te doen over de omgang met meldingen. ‘We hebben eerst literatuurstudie gedaan om in kaart te brengen wat bekend is en wat nog niet’, vertelt Kampschuur. ‘We maken gebruik van theorie uit bestaand onderzoek naar gedrag op het werk, waarover meer bekend is. Denk aan hoe er wordt omgegaan met suggesties of het aankaarten van problemen op het werk. Ook interviewen we experts bij externe klokkenluiderskanalen en interne klokkenluidersmeldpunten. En sinds januari 2026 bereiden we een grote enquête voor die we gaan uitzetten onder leidinggevenden in Nederland.’ 

De leidinggevende als eerste aanspreekpunt

‘De direct leidinggevende is vaak de eerste ontvanger van een melding en daarom een belangrijke schakel in het proces. De melder klopt vaak eerst aan bij de eigen leidinggevende om een vermoeden van een misstand onder de aandacht te brengen. Afhankelijk van hoe de leidinggevende reageert, kan de melder de noodzaak voelen om de vermoedelijke misstand binnen of buiten de organisatie opnieuw ter sprake te brengen. Dat blijkt uit verschillende onderzoeken. Ook kan een melder – vaak als laatste redmiddel – informatie over de situatie openbaar maken, bijvoorbeeld via de media.’

‘Wat ik en mijn medeonderzoekers beter willen weten is: waar hangt de reactie van de leidinggevende van af? Wanneer is die afwijzend en wanneer juist ondersteunend? Om die vraag goed te kunnen beantwoorden, bereiden we een enquête voor onder duizenden leidinggevenden in Nederland.’
 

Wat bepaalt de reactie van de leidinggevende?

Kampschuur en zijn medeonderzoekers kijken naar alle sectoren in Nederland: privaat, publiek en semi-publiek. Hoewel het onderzoek nog loopt, komen uit de afgenomen interviews duidelijke verbanden naar voren: 
1. Is de direct leidinggevende zelf (mogelijk) betrokken bij een misstand? Dan kaarten melders het probleem aan bij een hogergeplaatste of doen ze extern een melding. ‘Een ondergeschikte die in een kleine organisatie merkt dat er gesjoemeld wordt met facturen, stapt dan bijvoorbeeld direct naar de toezichthouder.’ 
2. Leidinggevenden die ervaring hebben met eerdere meldingen, nemen deze ervaring mee bij het ontvangen en behandelen van nieuwe meldingen. 
3. Het maakt uit of leidinggevenden training hebben gehad over bijvoorbeeld integriteitskwesties en ethische dilemma’s. 

Ervaring en kennis helpen bij het omgaan met meldingen

Vooral bij leidinggevenden die zelf iets met de melding te maken hebben, lijkt escalatie te dreigen. ‘Leidinggevenden die door ervaring of training weten hoe ze met meldingen moeten omgaan, voelen zich mogelijk minder persoonlijk aangesproken’, legt Kampschuur uit. ‘Maar leidinggevenden zonder die knowhow kunnen een melding sneller als een verwijt ervaren. Dat kan een reden zijn om de melding niet serieus te nemen. En leidinggevenden die zelf dader zijn, kunnen de neiging hebben om de melding te onderdrukken. De reactie is dan bijvoorbeeld dat de melder zich niet druk moet maken of zich gedeisd moet houden.’ 

Wat kunnen werkgevers doen?

Op basis van het onderzoek tot nu toe heeft Kampschuur drie praktische adviezen voor werkgevers: 
1. Luister als leidinggevende goed naar wat een melder te zeggen heeft. Een melder die zich serieus genomen voelt, voelt zich minder snel genoodzaakt om de zaak te escaleren.
2. Geef als werkgever of klokkenluidersmeldpunt altijd op tijd een terugkoppeling aan de melder.
3. Besef dat klokkenluiders niet per se lastige types zijn en dat (het serieus oppakken van) een melding erger kan voorkomen. 

Maatschappelijke waarde van klokkenluiders

Volgens Kampschuur is het belangrijk hoe werkgevers over klokkenluiders denken. ‘Klokkenluiders zijn niet zonder meer op zoek naar problemen. Ze worden met een bepaalde situatie geconfronteerd en willen daar iets aan doen, vaak met het doel om schade aan de organisatie en de maatschappij te voorkomen. Je kunt hen beter dankbaar zijn: de reputatieschade van een misstand die blijft voortduren en op een gegeven moment bekend wordt, kan een grotere last zijn voor de organisatie dan het serieus nemen en opvolgen van een interne melding.’